Een verzameling van de bekendste boomgasten in en rond bomen.
Daedaleopsis confragosa
De roodporiehoutzwam laat zich herkennen door de poriënlaag die bij aanraking roze tot roodbruin kleurt. De zwam groeit solitair of in groepen, vaak in etages, op wonden van levende bomen en op dood hout van loofbomen. De zwam functioneert als wondparasiet die witrot veroorzaakt op kernhout van loofbomen. Vruchtlichamen verschijnen van het voorjaar tot late herfst met vruchtlichamen die het het jaar rond zichtbaar zijn. Groeit vooral op lijsterbes, Zweedse meelbes, wilg, berk en els.
De infectie vindt plaats via verwondingen in stam of takken. Het mycelium breidt zich langzaam uit en veroorzaakt geleidelijke verzwakking van aangetaste stammen en takken. Bij wilgen en elzen normaal gesproken geen snelle progressie, boom kan jarenlang gekoloniseerd hout compenseren.
Bestrijding zelden noodzakelijk aangezien de zwam primair dood en verzwakt hout koloniseert.